Dirk Kloosterboer
Schoonmakers eisen respect en een salaris van tien euro per uur. Voor dit doel organiseren ze zich op Schiphol en in Den Haag, Utrecht en Maastricht. Schoonmaker Cynthia Kerkhoven en organiser Herrie Hoogenboom van FNV Bondgenoten vertellen wat er aan de hand is.
Hoe is het werk als schoonmaker op Schiphol?
Kerkhoven: Het is zwaar. Echt zwaar. Daar had ik me echt op verkeken. Wat ik zelf wel leuk vind is dat je continu andere dingen, andere mensen, andere situaties tegenkomt. Maar ja, de schoonmaak is gewoon heel zwaar. Je komt ook echt de meest vieze dingen tegen, ik ga daar niet over uitweiden. Vooral de toiletgroepen, ook in de VIP-lounges waar ik zelf werk is dat van tijd tot tijd heel erg. Dat je dikke handschoenen nodig hebt, anders zou je er een ziekte van oplopen.
Kan je zelf je tempo bepalen of je werk indelen?
Kerkhoven: Ik heb daar als voorvrouw wel een klein beetje ruimte in, maar de schoonmakers op zich absoluut niet. Het is allemaal rennen, rennen, rennen binnen een bepaalde tijd. Er is veel vuilafvoer, dat is ook heel zwaar. In die lounge heb je bijvoorbeeld veel zware flessen, wat die passagiers allemaal drinken. Dan maak je natuurlijk ook mee dat mensen dronken zijn. Nou, we hebben ook verhalen van collega’s, die zijn over de balie heen getrokken omdat passagiers boos waren dat hun vlucht geannuleerd werd of wat dan ook.
Op een bijeenkomst over de campagne viel regelmatig de term ‘respect’.
Kerkhoven: Ja, als er bijvoorbeeld controle wordt uitgevoerd, dan beginnen ze al snel over de kwaliteit te gillen. Maar wij moeten zoveel doen in een heel kort tijdsbestek dat kwaliteit halen bijna niet mogelijk is. Ze zeggen al snel, je zoekt het maar uit, als het maar schoon is, want er komt controle. Soms heb je een tekort aan mensen, mensen vallen onverwacht uit, ze worden ziek, noem het maar op.
En er zijn mensen die meerdere baantjes hebben om rond te komen?
Kerkhoven: Ja, zeker mensen met een gezin. Met het gemiddelde basissalaris van een schoonmaker heb je netto misschien net honderd, honderdvijftig euro meer dan een uitkering, dan kan je nagaan als je ook nog kinderen hebt, dat je er dan wat bij moet buffelen.
Hoogenboom: Minimaal zeventig procent van de mensen die hier werken heeft twee banen. En de meesten hebben dan een fulltime baan en een parttime baan, maar ik ken er ook legio met twee fulltime banen. Je verwacht dat soort dingen niet hier in Nederland, maar de derde wereld ligt net om de hoek.
Op de bijeenkomst werd ook gesproken over intimidatie.
Kerkhoven: Ja, dat hebben we nu ook heel sterk. Als ze bijvoorbeeld weten dat er een bijeenkomst is georganiseerd dan roepen ze meteen iedereen bij elkaar en dan is het van ‘ja, jullie moeten niet naar die bond luisteren want die is alleen maar geld van jullie aan het trekken. En je mag er wel naar toegaan, maar dat wordt wel van je snipperuren afgehouden’. Terwijl mensen die lid zijn gewoon vakbondsverlof krijgen.
Hoogenboom: Het valt mij iedere keer weer op hoe ongelooflijk groot die repressie is waar schoonmakers mee te maken krijgen. Ik sta iedere keer met mijn oren te klapperen hoe mensen worden behandeld, hoe mensen worden aangesproken. En wat voor druk er wordt uitgeoefend, subtiel vaak, om mensen bij ons vandaan te houden.
Weten ze bijvoorbeeld ook dat je lid bent van de vakbond?
Kerkhoven: Ja, dat laten ze ook heel duidelijk merken. Wat dat betreft zijn ze niet blij met mij.
Maar dat kan je even goed wel bolwerken?
Kerkhoven: Ja ik zelf wel. Ik zeg ook altijd tegen de mensen, je hoeft je niet bang te laten maken. Je hebt de bond achter je staan. Je doet geen dingen die niet mogen.
Lukt het dan om collega’s te overtuigen?
Kerkhoven: Nou, je voelt dan echt pure angst. Sinds de organisers hier begonnen zijn op Schiphol zijn wel steeds meer mensen lid geworden. En daardoor zijn er ook veel meer rechtzaken. Ik heb begrepen dat er ook rechtzaken gewonnen zijn. Over loon wat tekort was, snipperuren die ingehouden werden. Dan denk ik van ja, vroeger hadden ze dat natuurlijk niet. De schoonmaakbedrijven konden eigenlijk alles doen wat in hun voordeel was. En dat kan niet meer zomaar.
Hoe ben je zelf lid geworden?
Kerkhoven: Ik heb via een dakloze een kaartje van één van deze heren gekregen. En toen zat ik met een heleboel dingen die niet klopten, wat niet lekker ging. En toen dacht ik nou, laat ik die man eens een keer bellen.
Zij hadden aan mensen hier hun kaartje uitgedeeld, zo van …
Kerkhoven: Zo van ‘joh, jullie kennen veel schoonmakers hier op Schiphol, jullie zijn hier elke dag, geef die kaartjes door aan mensen die je kent’.
Hoogenboom: Je hebt hier een vaste groep daklozen en daar hebben we goede contacten mee. Zij helpen ons vaak met het verspreiden van folders en brengen ons in contact met mensen.
Kerkhoven: Die mensen hebben ook echt een levensverhaal. Dat zijn gewone mensen net als jij en ik. Alleen ze hebben in het verleden iets meegemaakt waardoor ze geen dak meer boven hun hoofd hebben. Via één van die mensen ben ik dus met Herrie in contact geraakt.
Nou is het beeld van de vakbond vaak dat zij je problemen oplossen. Maar volgens mij is het hier vooral de bedoeling dat mensen zelf actief worden?
Kerkhoven: Ja, dat zegt Herrie er ook vaak bij. Je moet niet denken, je bent nu lid geworden en al je problemen zijn opgelost. Je moet zelf ook in actie komen. Praat met elkaar. We zijn allemaal collega’s, maakt niet uit voor welk schoonmaakbedrijf je werkt.
[kader]
Amerikaans voorbeeld
De schoonmaakcampagne wordt door FNV Bondgenoten uitgevoerd in samenwerking met de Amerikaanse vakbond SEIU, die sinds de jaren tachtig verassende successen heeft geboekt door schoonmakers te mobiliseren, assertieve directe acties uit te voeren en strategisch onderzoek te doen naar de bedrijven waarmee men te maken heeft.
Inmiddels werkt SEIU samen met vakbonden in Groot-Brittannië, Australië, China en vele andere landen om het model internationaal te verspreiden. Mocht de campagne ook in ons land succes hebben, dan kan dit invloed hebben op de werkwijze van de Nederlandse bonden, die traditioneel meer gericht zijn op overleg.

